4 december 2015: ‘Two ensembles on the Edge of Union’

Een klassiek en een Turks ensemble een gedeelde plek op een klassiek podium geven: in tijden van twijfel over de zin en haalbaarheid van een multiculturele samenleving lijkt het bijna een politiek statement. Misschien tegen beter weten in, zullen sceptici zeggen, want wat precies brengt muziek ons dan bij over een cultuur? De muziek van een andere cultuur is immers weinig toegankelijk voor wie er niet mee opgegroeid is. Aan de andere kant: toegankelijkheid hoeft misschien net geen issue te zijn. Muziek hoeft geen ‘doos met informatie’ te zijn, waartoe de hersenen zich enkel toegang kunnen verschaffen door middel van een culturele code. Muziek schept ook haar eigen omgeving, is haar eigen omgeving, waarvan publiek en muzikanten deel uitmaken en waar verschillende culturen elkaar kunnen ontmoeten.

Het klassiek ensemble deCompagnie en het Lâmekân Ensemble kozen ervoor die ontmoeting tussen twee muzikale werelden te ensceneren en ze door middel van een fictief reisverhaal naar elkaar toe te laten groeien. Samen met het verzonnen personage Paul Alexandre doorliepen we zo drie stadia: in een eerste leerden we de Turkse muziek kennen via de Europese componisten, of ten minste het fantasiebeeld dat zij over die muziek schiepen. Zo hoorden we de muzikanten van deCompagnie in onder andere de Suleika-liederen van Schubert en het rondo ‘Alla Turca’ van Mozart. Daarna trokken we naar het paleis van Selim III om daar geconfronteerd te worden met de échte Osmaanse muziek: heel precies geïntoneerde melodieën, in elkaar verstrengeld door versieringen en tegelijk gespeeld door verschillende instrumenten (ud, viool en een soort hakkebord, vermoedelijk een ‘santoor’).

Tot slot waren we getuige van een getransformeerde Paul Alexandre, die zich in zijn thuisland niet meer zo thuis voelt. Op dit moment beseffen we ook dat Paul Alexandre niet enkel symbool staat voor onszelf als ontdekkende luisteraar, maar even goed voor de componisten en muzikanten van dit concert: al van bij het begin van het concert konden we horen hoe Mathias Coppens de composities, gaande van Rameau tot Rossini, nog net iets meer transformeerde dan strikt noodzakelijk was om de muziek aan te passen aan de bezetting van deCompagnie. De transformatie van beide muzikale werelden was een voldongen feit in ‘Nostalgia’ van Wim Henderickx en tijdens de afsluitende improvisatie door beide ensembles én componisten samen. Van de scheidingen tussen culturen die vandaag als paddenstoelen uit de grond schieten, bleven er op 4 december voor even weinig overeind staan.

Sarah Vandemoortele

 

 


-->